Schrift3

 

 

 

 

 

Nabewerken

Condacam biedt een breed spectrum van bewerkingsmethiden voor 3D nabewerken. Dusdanig, dat elk denkbaar bewerkingsproblematiek met effectieve gereedschapsbanen opgelost kan worden. Tot de 3D-nabewerk strategieën behoren de volgende types:

Z-Vlak-voorbewerken
Contourparallel-Nabewerken
Offset-Nabewerken
Kanten-Offset-Nabewerken
Circulair Nabewerken
Cirkelspiraal-Nabewerken
Rechthoekspiraal-Nabewerken
Compleetnabewerken
Nabewerken vlakke oppervlakken
Uitkameren-Nabewerken
Contour-Projecteren
Tussen twee curven bewerken
Kantenbewerking
Restmateriaal-Nabewerken

Nieuw in Condacam 1.2 is “Compleetnabewerken“. Het Compleetnabewerken kan als een allroundstrategie in een breed spectrum toegepast worden. Compleetnabewerken richt zich op een begrenzingshoek die virtueel het model in vlakke en steile bereiken onderverdeelt. De vlakke bereiken worden dan met een andere strategie bewerkt dan de steile bereiken. Door dit procédé lukt het om met een optimale aanpassing per werkstukvorm te maken. Gelijktijdig zullen de bewrrkingstijden minder zijn en de kwaliteit van de oppervlakken beter zijn. Het is echter ook mogelijk los van elkaar deze bereikente bewerken.

          steile bereiken                   vlakke bereiken                Complete bewerking
KON14KKON15KKON16k 

       Z-Vlak-Nabewerken                Contourparallel-Nabewerken            Offset-Nabewerken
Schrauber-ZSL2Schrauber-AchsP2LufterSLM 

Kanten-Offset-Nabewerken      Cirkelspiraal-Nabewerken         Rechthoek-Nabewerken
HohlkehlenoffsetMKreisspiralMRechteckspiralM 


De Strategie “
Restmateriaal-Nabewerken” is voor er om het restmateriaal die na de nabewerking van oppervlakken nog aanwezig is, te verwijderen. Bereiken die door de grootte van het gereedschap niet bewerkt konden worden, worden automatisch met deze optie nabewerkt met uiteraard een kleiner gereedschap. De gebieden worden dan automatisch herkend, en met een nafrees-strategie bewerkt.
Restmaterial-Schlichten2M 

Een ook zeer nuttige en intelligente strategie is de “Kanten bewerken”. De “Kanten bewerken” wordt ook toegepast op het restmateriaal wat is blijven staan na voorgaande bewerkingen. Hiermee worden spleten, hoeken, gleuven als zowel overgebleven restmateriaal  nabewerkt, om een “strak” eindresultaat te krijgen. De “Kanten” worden automatisch herkend en er worden dan nafreesbanen voor gegenereerd.
HohlKehl6MHohlKehl7MHohlKehl8M 


Bewerkingen voor voor- en nabewerkingen kunnen middels begrenzingscontouren ingeperkt worden.  Deze begrenzingscontouren kunnen uit een DXF-bestand komen, uit “Kanten extraheren” of met  tekenfuncties, waarmee lijnen,polylijnen cirkels etc gemaakt worden, getekend worden. Het voorbeeld laat een as-parallelle nabewerking zien, die door een begrenzingscontour ingeperkt is. Het contour werd via een DXF-bestand ingelezen en geselecteerd voordat de nabewerking uitgevoerd werd.
Schrauber-LoadU2Schrauber-AG2

Begrenzingen kunnen met de functie “Kanten extraheren” automatisch getraceerd worden. De kanten van de vlakken worden dan als polylijn geëxtraheerd.
KantenM1Modell4M 


Begrenzing kunnen dus ook met de beschikbare tekenfuncties gedefineerd worden. In Onderstaand voorbeeld is een begrenzing te zien die is gemaakt met tekenfuncties.
Schrauber-ZsrSL2
Logischerwijs wordt een contour die zich geheel binnen een ander contour bevindt als een eiland gezien en vindt derhalve daar weer  binnen geen bewerking plaats


Een andere nabewerkingsfunctie is “Contour-projecteren”. Hier wordt een willekeurig contour in DXF-formaat ingelezen of zelf getekend. Nadat deze op de gewenste positie t.o.v. het model is geplaatst kan het contour op het model geprojecteerd worden.
SchrauberSimuPro4MSchrauberSimuPro2M

Bij het vervaardigen van modellen kan ook de optie “Uitkameren-nabewerken” toegepast worden. Deze bewerkingsstrategie is zeer geschikt bij het programmeren van een vorm-holte resp. matrijsdeel. De bereiken moeten dan begrensd worden met begrenzingscontouren en een start Z-waarde.
Schrauber-Form8S-STL-bmpSchrauber-FormM 

Nog een voorbeeld van “Uitkameren“ is het programmeren van een motorblok. Met de funktie “Kanten extraheren” zijn de begrenzingen waarbinnen de bewerking plaatsvindt vastgelegd.
BlockMBlock2M   


Tot de strategieën voor nabewerken en verfijning behoort bijvoorbeeld ede funktie “Nabewerken vlakke oppervlakken”
. Condacam maakt door het ingeven een begrenzingshoek een onderscheid tussen steile en vlakke oppervlakken. De vlakke oppervlakken kunnen dan met andere voorwaarden nagefreesd dan de steilere oppervlakken.
Schrauber-Form5FS-STL-bmpFlat8MFlat6M

Het is mogelijk om een bewerking te definiëren tussen twee contouren met ” Tussen twee curven bewerken”. Er kan dan bijvoorbeeld slechts een klein stuk van het model bewerkt worden(zie voorbeeld hieronder). Bijkomend voordeel hierbij is dat er maar één keer een in- en uitloop beweging plaatsvindt, wat de aftekening op het eindresultaat beperkt of zelfs weglaat.
Schrauber-KurveSSchrauber-Kurve2SSchrauber-Kurve3S 

Nog twee voorbeelden van deze funktie: Cilinderkop-kanalen worden nagefreesd en een vorm gedefinieerd tussen twee gesloten contouren.
KurveMKurve2MKurve3M 

                     

 

 

 

 

 

[Home] [Produkten] [Features] [Download] [Nieuws] [Partners] [Impressum] [Privacy]